Het is nu bekend gemaakt. De vondst van een hamerbijl met houten steel, aan de zuidelijke rand van de grafheuvel. Van de heuvellichaam resteren twee dunne laagjes die Tamar tot in detail heeft bestudeerd en gedocumenteerd. De hamerbijl zelf is door Ron van Wezop opgepiept, op een vrijdagmiddag rond een uur of 5. Tja, typisch geval van vrijdagmiddagvondst… Het was de dag dat de mensen van de Stichting Regionale Archeologie Baduhenna een rondleiding hebben gehad. De meeste waren net vertrokken, toen Ron een “geluid” opving. Menno werd erbij geroepen, en tien minuten later lag deze op zijn knieën in de brandende zon en troffelde deze wereldvondst naar boven. De hamerbijl van nauwelijks 10 cm lengte lag in het door runderen vertrapte veen aan de zuidkant van de grafheuvel. De steel stak schuin naar beneden en bleek op het uiteinde al in een ver verleden te zijn af gebroken. Dit is natuurlijk een geweldige vondst.. Het valt me altijd weer op dat mensen toch graag iets tastbaars willen zien, terwijl het oude landschap, de akkers uit de bronstijd, de eergetouwkrassen, het stuifzand, het veen voor mij net zo mooi zijn. En misschien nog veel belangrijker. Trouwens blijkt het hout van de steel niet gemaakt van gespleten essen- of eikenhout. Nee, het is het hout van rosa canina, van de hondsroos! Een tak met een maximale diameter van 2 cm. Onder de microscoop herken je de zachte spiraalvormige verdikkingen in de vaten, de meer-rijen brede, heterogene houtstralen, ook een rij brede, staande cellen zijn aanwezig. Van Erik Drenth heb ik vernomen dat er ooit in Drenthe een bijl is gevonden met een houten steel van lijsterbes. Hm, er is dus duidelijk meer aan de hand met het hout. Het is waarschijnlijk dat het hout voor de steel heel bewust is gekozen. Aan het hout werden waarschijnlijk bepaalde eigenschappen gekoppeld, mogelijk ook van rituele aard.













Wat een mooie vondst. Geweldig!
Ook heb ik begrepen dat jullie onderzoek met een paar weken is verlengd. Heel goed.
Gefeliciteerd met deze hele mooie vondsten!
Alhoewel de term “oudste grafheuvel” zoals deze in de krant stond, te betwisten is (Velsen – Hofgeesterweg door Woltering in 1978 bij de aanleg van een gasleiding onderzocht, bekend uit de Kroniek over 1978; zijn mogelijk grafheuvels met crematieresten uit de Midden Bronstijd en een graf uit Velserbroek (zie Therkorn 2008) kan mogelijk Laat-Neolithisch zijn, echter daar is geen heuvel van bekend).
Wel ben ik ‘t eens met de opmerking dat het landschappelijk onderzoek een grotere meerwaarde heeft. Voor het eerst wordt nu eens goed in kaart gebracht van een groter gebied wat de landschapsdynamiek is in relatie tot menselijke activiteit… Erg interessant
Hoi Jos, ja klopt. Maar ten noorden van het Oer-IJ in het strandwallengebied is het de eerste. Linda Therkorn heeft ooit de vraag geformuleerd of het Oer-IJ niet alleen een fysieke scheiding vormde in de regio, en of patronen en/of tradities wel met elkaar overeenkomen. Dit is een eerste aanwijzing voor overeenkomsten. Het meest bijzonder is de goed bewaard gebleven, landschappelijke context waarin de meerfasige grafheuvel en bijbehorende palenkransen zijn gevonden. Bovendien is binnen de jongere structuur gisteren ook nog een lijksilhouet opgegraven!
Hoi Silke! Ja dat is waar. Zozo, een lijksilhouet, toe maar! Zijn de tandkapsels nog bewaard gebleven?? Ook de combinatie met crematieresten lijkt me interessant, chronologisch… Misschien dat ik komende week nog tijd heb om langs te komen in het veld!